Home

duurzame energie

Op 12 september gaat Nederland een nieuwe Tweede Kamer kiezen. Hieronder worden per partij puntsgewijs de duurzame energieonderwerpen aangegeven. Op dit moment hebben nog niet alle partijen hun verkiezingsprogramma vastgesteld: VVD en PVV ontbreken in dit overzicht. SGP heeft geen energieonderwerpen opgenomen.

EnergiePortal maakte al twee keer eerder een overzicht van de standpunten van de politieke partijen. Kijk hier voor het overzicht van de standpunten uit 2006 en 2010.

CDA

Het CDA wil meer Green Deals en wil daarvoor ook meer geld beschikbaar stel-len. Met salderen van duurzaam opgewekte energie wordt geëxperimenteerd. Dit alles om in 2020 het doel van 14% duurzame energie te halen, en in 2050 50%.
  • Het CDA wil dat Nederland in 2050 meer dan 50% van haar energie duurzaam produceert en dat we 50% energie-efficiënter werken ('50-50-50'). Dit betekent dat wij een nieuwe energieba-lans bereiken waarbij wij efficiënter omgaan met onze fossiele brandstoffen, meer gaan inzetten op alternatieve energievoorzie-ning en kolen en kernenergie op de lange termijn niet meer nodig hebben.
  • CDA zet alles op alles voor 14% duurzame energie in 2020. Dit is ook van belang voor energiezekerheid.
  • Groot voorstander van het stimuleren van decentrale ener-gieopwekking. Er worden experimenten uitgevoerd rond salde-ring van duurzame energie.
  • Private investeringen in verduurzaming worden aantrekkelij-ker gemaakt. CDA pleit voor lokale en regionale fondsen energie-besparing. Gemeenten en provincies zorgen voor de cofinancie-ring.
  • Voor nieuwbouwwoningen worden strengere normen gehanteerd voor energie-efficiency. Door middel van green deals is versterking van duurzame bouw mogelijk.
  • De 'Green Deal'-aanpak wordt geïntensiveerd. De overheid ondersteunt op deze manier de realisatie van duurzame initiatieven. Hiervoor komen ook financiële middelen beschikbaar.
  • Woningcorporaties krijgen de mogelijkheid om investeringen voor energiebesparing aan de huurder door te berekenen waarbij het voordeel van de lagere energierekening aan de huurder toevalt.
  • De stimuleringsregeling voor duurzame energie (SDE+) wordt versterkt.
  • De overheid helpt bij het realiseren van duurzame energie projecten door betere procedures en regelgeving.
  • Om de klimaatverandering te beperkten tot minder dan 2°C, steunt Nederland de Europese doelstelling om de uitstoot van broeikasgassen tegen 2050 met 80 tot 95% te verminderen ten opzichte van 1990.
  • Het principe 'de vervuiler betaalt' geldt. De belastingen op het hebben van een auto gaan naar beneden. Er komt op korte termijn een heffing per gereden kilometer, de afschaffing van het reiskostenforfait wordt verdisconteerd – om dubbeling van lasten te voorkomen.
  • Initiatieven in de agrarische sector die verder gaan dan wet-telijke eisen worden ondersteund, op het gebied van duurzaam-heid zoals Beter Leven Kenmerk, Kas als Energiebron en Duurzame Zuivelketen.

GroenLinks

GroenLinks heeft als enige partij met Groen in haar naam uiteraard veel groene energie-onderwerpen. Zoals: een kolenbelasting wordt ingevoerd; 3% energiebesparing per jaar; 20% duurzame energie in 2020 en volledig duurzaam in 2050, met een feed-in systeem à la Duitsland; 10 GW offshorewind in 2020. Overheid investeert in innovatieve duurzame energie, zoals getijdenenergie.

Groen loont
  • De nieuwe regering krijgt een minister van Duurzaamheid en Ruimte, die Milieu, Natuur, Energie, Landbouw, Visserij, Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening onder zich heeft.
  • Nederland streeft naar 3 procent energiebesparing per jaar. Via kredietgaranties wordt het besparingspotentieel in de industrie benut.
  • Er komt toezicht op de naleving van de energielabelplicht bij verkoop of verhuur van gebouwen.
  • Overheid en bedrijfsleven maken samen werk van een circu-laire economie waarin grondstoffen eindeloos worden hergebruikt. Afval krijgt een prijs en de belasting op het gebruik van grondstoffen gaat omhoog, zodat verspilling stopt. Statiegeld wordt niet afgeschaft, maar uitgebreid naar blikjes en kleine petflessen.
  • Het belastingstelsel wordt vergroend, ook op provinciaal en gemeentelijk niveau.
  • Het Bouwbesluit mag de groene ambities van gemeenten niet in de weg staan; gemeenten mogen verdergaande duurzaamheidseisen stellen dan het Bouwbesluit voorschrijft.
De vervuiler betaalt
  • Afschaffing bijna zes miljard euro aan belastingvoordelen voor fossiele energie.
  • Nederland pleit binnen de Europese Unie voor een vermindering van de uitstoot van broeikasgassen met tenminste 30 procent in 2020 en tenminste 90 procent in 2050, alsmede voor een eerlijke lastenverdeling. Nederland komt niet alleen haar Europese verplichtingen na, maar wordt weer een koploper op klimaatgebied.
  • Nederland knokt voor verbetering van het Europese stelsel van handel in emissierechten: al in 2012 moeten emissierechten uit het stelsel worden gehaald om de CO2-prijs op te drijven
  • Er komt een strenge CO2-norm voor nieuwe energiecentrales, die de bouw van kolencentrales verhindert. Kolencentrales betalen een kolenbelasting.
Nieuwe energie
  • Er komt een Deltawet nieuwe energie. Daarmee zet Nederland fors in op energiebesparing en duurzame energie. In 2020 halen we 20 procent van onze energie uit schone bronnen. Uiterlijk in 2050 draait onze economie volledig op duurzame energie. De Deltawet verplicht energiebedrijven om een jaarlijks oplopend aandeel schone energie te produceren.
  • Het zelf opwekken van energie door burgers, bedrijven, lokale en regionale overheden wordt krachtig bevorderd. Nederland voert het Duitse feed-in systeem in, zodat burgers en bedrijven die groene stroom produceren daarvoor altijd een garantieprijs ontvangen. Bureaucratische obstakels verdwijnen.
  • De overheid investeert samen met energiebedrijven in onder-zoek naar innovatieve technieken zoals getijdenenergie.
  • De overheid selecteert en regelt voldoende locaties voor windmolens op het land en geeft concessies uit aan uitbaters. De inkom-sten worden opnieuw geïnvesteerd in groene energie.
  • Er komt een spoedwet voor wind op zee, gericht op 10.000 MW Noordzeestroom in 2020. Geplande investeringen voor de komende tien jaar worden naar voren gehaald. De overheid rondt vergunningsprocedures zo snel als mogelijk af.
  • Nederland zet zich in voor bindende Europese duurzaam-heidseisen voor alle vormen van bio-energie. Bij biobrandstoffen worden de effecten op het landgebruik meegewogen, zodat de teelt ervan niet ten koste gaat van natuur, voedselvoorziening en inheemse volkeren.

PvdA

De PvdA zet in op een verplicht aandeel hernieuwbare ener-gie, geen kernenergie en een 'stopcontact' op zee voor meer offshorewind.
  • Door politieke wispelturigheid en uitputting van gelden, leidt de regeling Subsidie Duurzame Energie (SDE) momenteel niet tot investeringszekerheid. Eén van de beste manieren om deze na-delen op te heffen, is om de SDE af te bouwen en te vervangen door een verplicht aandeel hernieuwbare energie om een (jaarlijks stijgend) percentage hernieuwbare elektriciteit te leve-ren.Voor kolencentrales geldt in ieder geval verplicht bijstoken van (duurzame) biomassa.
  • Kernenergie maakt geen onderdeel uit van de volledige duur-zame energievoorziening die wij nastreven voor Nederland.
  • De PvdA wil het investeringsklimaat voor windenergie verbeteren door de komst van een windenergienet op de Noordzee. Netbeheerder Tennet moet dit gaan plannen, aanleggen en beheren,met dezelfde vereisten voor bijvoorbeeld betrouwbaarheid als op het land geldt.
  • In Europees verband pleit de PvdA voor een superhoogspanningsnet. Dat zorgt ervoor dat stroom uit windmolens van de Noordzee naar Zuid Europa kan en stroom uit Spaanse zonnepanelen naar Noord Europa. Dat leidt tot investeringen in werk en duurzaamheid in Europa.
  • Kleinschalige opwekking voor eigen gebruik: energieopwekking voor eigen gebruik moet in alle gevallen geheel worden vrijgesteld van energiebelasting.
  • Bij nieuwbouw van woningen worden zonnepanelen vanaf 2015 standaard verplicht opgenomen in het bouwbesluit. De PvdA wil dat in 2020 op den duur iedere nieuwe woning energie-neutraal is.
  • Gasleveranciers krijgen de verplichting om biogas met aard-gas te mengen in het gasnet, daarom stellen wij een ‘bijmengverplichting’ voor Groen Gas voor.
  • Regelgeving dient te worden aangepast voor het bevorderen van het hergebruik van restwarmte en afvalstoffen, bijvoorbeeld vanuit de Rotterdamse haven naar de kassen in het Westland.
  • Eerlijke grondstoffen. Met een snel groeiende wereldbevolking, worden grondstoffen als aardolie in rap tempo schaarser. Ook leidt de schaarste aan grondstoffen als water en olie steeds vaker tot conflicten. Consumenten kiezen daarom bewuster dan voorheen voor de herkomst van bijvoorbeeld de grondstoffen in hun mobiele telefoon. Productieketens moeten hiervoor transparanter.

SP

De SP wil de vestigingen van energie-intensieve industrie reguleren om zo restwarmte beter te benutten. Ook de SP wil een ‘stopcontact op zee’. Verder wil de SP beter toezicht op handhaving van het energielabel, in de vorm van een ‘APK’ voor woningen; 2 % energiebesparing per jaar en de mogelijkheid van salderen van zonne-energie.
  • De overheid ziet beter toe op de vestigingslocaties van grote elektriciteitscentrales, energie-intensieve industrie en bedrijvendie een groot potentieel hebben voor de benutting van restwarmte, zoals de glastuinbouw. Op deze manier kan de totale energie-efficiency tegen de laagste kosten worden verhoogd en worden peperdure investeringen in energie-infrastructuur beperkt. De lozing van restwarmte wordt ontmoedigd via de milieuvergunning en financiële prikkels.
  • 2 % energiebesparing per jaar, zowel bij bedrijven als bij de huishoudens.
  • Via de publieke netbeheerders wordt voldoende geïnvesteerd in verbetering van de elektriciteitsnetten om de inpassing van meer duurzame energie mogelijk te maken, zowel op regio-naal niveau (smart grids) als op Noordwest-Europees niveau.
  • De netbeheerders blijven volledig publieke bedrijven, de winstuitkeringen aan de aandeelhouders (gemeenten en provincies) worden aan banden gelegd.
  • De grote elektriciteitscentrales gaan een deel van de netkosten betalen, op grond van het principe ‘de vervuiler betaalt’.
  • Meersamenwerking met onze buurlanden rond de Noordzee voor een gemeenschappelijk netbeheer en voor de aanleg van een ‘stopcontact op zee’, om aansluiting van windmolenparken op het net mogelijk te maken.
  • Meer stimulering van het gebruik van zonne-energie. Ook vergroten we de betrokkenheid bij de verduurzaming van de energievoorziening door meer ruimte te bieden aan particulieren en energiecoöperaties (geen energiebelasting bij productie van duurzame stroom en gas voor eigen gebruik).
  • ● Windmolens op zee zijn de belangrijkste duurzame energie-bron voor de komende decennia, daar moet - in samenwerking met de andere Noordzeelanden - zwaarder op worden ingezet. Wind op land moet duidelijker worden ingekaderd via een structuurvisie (waar wel, waar niet), strengere eisen aan geluid en externe veiligheid. Omwonenden van windparken kunnen mee-profiteren van de opbrengsten, als tegenprestatie voor de horizonvervuiling.
  • ● De kwaliteitsbewaking van het energielabel voor gebouwen wordt geregeld, op een manier die vergelijkbaar is met de APK voor motorvoertuigen. Investeringen in energiebesparing bij bestaande gebouwen worden aantrekkelijker gemaakt door het differentiëren van de OZB of het eigenwoningforfait op basis van het energieverbruik.
  • ● Intensivering van onderzoek en productontwikkeling is de sleutel voor het bereiken van de energie- en klimaatdoelstellingen. Wij zijn voorstander van het vergroten van de middelen voor onderzoek en ontwikkeling op het gebied van biobased economie en energie. Deels via publieke onderzoeksprogramma’s, deels via fiscale faciliteiten voor bedrijven.
  • De overheid geeft zelf het goede voorbeeld op het gebied van klimaatbeleid en energiebesparing, zuinige auto’s en het gebruik van duurzame energie en bouwmaterialen.
  • We beginnen alleen aan schaliegas als dat veilig en milieuvriendelijk kan.
  • In Europees verband gaan we de gebreken van het systeem van emissierechten voor broeikasgassen (ETS) zo snel mogelijk oplossen. Doel is dat de CO2-prijs zo snel mogelijk een niveau bereikt waarop investeringen in energiebesparende maatregelen rendabel worden. We stoppen met het gratis weggeven van emissierechten.

D66

D66 vindt duurzaamheid een schitterende kans om economische groei te garanderen. Nederland heeft zelf nauwelijks grondstoffen terwijl de wereld-wijde vraag toeneemt. Deze manier van denken leidt tot nieuwe bedrijvigheid en nieuwe grondstofstromen – de grondstoffenrotonde.
  • In 2020 wekt Nederland 20% duurzame energie op en jaarlijks zorgen we voor 2% energiebesparing.
  • Er moet voor 2020 een nationaal energieplan komen, met concrete, meetbare doelen en een duidelijk pad naar onze ambi-ties voor 2050.
  • Kernenergie staat onderaan de ladder bij het vormgeven aan een duurzame energievoorziening een verdubbeling van de duurzame energiesubsidie (SDE+ regeling), meer bijstook van duurzame biomassa in kolencentrales en het eenvoudiger maken van zelf energie opwekken op het eigen dak of dat van de bovenbuurman.
  • Alle nieuwe energiecentrales krijgen een uitstootnorm van 350gr co2/ Kwh.
  • De door de Europese regeringsleiders afgesproken ambitieu-ze CO2-reductie wordt gehandhaafd: 40% minder in 2030, 60% minder in 2040 en 80% minder in 2050.
  • Afscheid van aardgas via een fonds voor de Energietoekomst: met een deel van de opbrengsten van aardgaswinning wordt een fonds opgericht, waarmee we de investeringen in de energie van de toekomst financieren
  • In 2020 moeten minimaal 1 miljoen woningen geïsoleerd zijn en stuurt het bouwbesluit op energieproducerende nieuwbouw.
  • D66 wil beginnen met een gezamenlijke netbeheerder die een Noordzeenet voor duurzame energie aanlegt.
  • Grondstoffenrotonde als groene kracht: Anders omgaan met natuurlijke hulpbronnen biedt kansen aan de ondernemer die er zuinig mee om gaat en verantwoordelijkheid neemt over gebruik en hergebruik van die hulpbronnen door leveranciers en klanten.
  • Verplicht aandeel van 25% duurzame materialen in elk bouwproject.
  • Het moet makkelijker zijn grondstoffen door Europa te vervoeren. Nu kan een spaarlamp die kapot is de grens niet meer over, terwijl 1 fabriek voor heel Europa deze lampen zou kunnen recyclen. D66 wil dat Nederland met Duitsland en België als eerste stap barrières voor transport van her te gebruiken grondstoffen wegneemt.
  • Een CO2-heffing wordt verkozen boven de kolenbelasting om zo de keuze voor de beste technologie aan mensen zelf te laten.
  • Het ‘de vervuiler betaalt’ principe dient consistenter te wor-den doorgevoerd, door bijvoorbeeld een kiloknallertaks (hoog BTW) op vlees en door betalen voor autogebruik.

Partij voor de Dieren

  • De Partij voor de Dieren wil toe naar een decentrale en duurzame energievoorziening waarbij bur-gers en bedrijven zelf energie op-wekken. Zo kunnen we Nederland zelfvoorzienend maken en uiterlijk in 2050 stoppen met het verbran-den van fossiele brandstoffen in Nederland.
  • Er komt een wettelijke regeling om bedrijven te verplichten jaarlijks hun energieverbruik te verminderen.
  • Onnodige verlichting, zoals in kantoren, etalages en voor reclames, wordt aan banden gelegd.
  • Bestaande woningen worden energiezuinig gemaakt.
  • Er worden strenge energie-eisen gesteld aan producten.
  • Er komen geen nieuwe kolen- en kerncentrales. Bestaande kolen- en kerncentrales worden zo snel mogelijk gesloten.
  • CO2-opslag onder Nederlandse bodem wordt niet toegestaan, ook niet onder de Noordzee.
  • Lege gasvelden worden niet gebruikt voor de opslag van (geïmporteerd) aardgas.
  • Er komen geen vergunningen voor de winning van schaliegas in Nederland.
  • Er komt een importverbod voor teerzandolie.
  • Elektriciteit en gas die zijn opgewekt door de verbranding of vergassing van restafval, mest en dierlijke resten zijn niet duurzaam en worden daarom niet ondersteund of als ‘groen’ in de markt gezet. Energiebedrijven worden verplicht om een jaarlijks oplopend percentage aan duurzaam opgewekte stroom te leveren.
  • Zelf opgewekte energie kan teruggeleverd worden aan het net, tegen saldering van de afgenomen stroom. Energiebedrijven betalen een kostendekkende vergoeding voor de energie die particulieren netto terugleveren aan het elektriciteitsnet.
  • Bewonerscollectieven mogen opgewekte energie onderling uitwisselen, zonder hiervoor belasting te betalen. Hierdoor kunnen hele wijken samen energie opwekken en delen.
  • Zonnepanelen op gebouwen, langs snelwegen en rondom vliegvelden worden de norm.
  • Windenergie wordt mogelijk gemaakt op locaties waar dieren en natuur er geen hinder van ondervinden.
  • Windparken op zee mogen geen significante nadelige effec-ten hebben op het zeeleven. Bij de bouw van windmolenparken wordt niet geheid.
  • Er komt een gecoördineerde aanpak van het ontwikkelen van een elektriciteitsinfrastructuur op zee. Biobrandstoffen zijngeen oplossing. Biobrandstoffen uit bijvoorbeeld maïs en palmolie bedreigen de voedselvoorziening, zorgen voor ontbossing en dragen zelfs bij aan de opwarming van de aarde.
  • Er worden strenge duurzaamheidscriteria gesteld aan biobrandstoffen. Zolang aan deze criteria niet wordt voldaan, wor-den er geen biobrandstoffen geïmporteerd naar Nederland.
  • Er komt een klimaatwet waarin jaarlijks oplopende en bindende reductieverplichtingen worden vastgelegd.
  • De nettouitstoot van broeikasgassen wordt in 2050 tot nul gereduceerd. Uiterlijk in 2020 wordt 40% van de uitstoot gereduceerd.

ChristenUnie

Volgens ChristenUnie is het antwoord op de verschillende actuele crises en de veelal mondiale vraagstukken duurzaamheid. Duurzaamheid houdt in dat we kiezen voor kwaliteit van leven voor ieder mens en de aarde, nu en in de toekomst. De overheid moet een duidelijke, langjarige keuze maken voor duurzame energie. Een lange termijn doelstelling (2050), waar nu beleid voor wordt ontwikkeld en waar de politiek zich aan committeert.
  • De marktwerking voor energie faalt. Toekomstige kosten maken geen onderdeel uit van de energieprijs. Een goede ma-nier om dit te herstellen is, om in navolging van de op CO2 gebaseerde aanschafbelasting bij auto’s (BPM), ook andere belastingen, zoals de regulerende energiebelasting, te baseren op CO2. Een CO2-heffing is effectiever dan welk ander instrument ook als het gaat om de transitie naar een duurzame energievoorziening. Om te beginnen wordt een minimumprijs voor CO2 ingevoerd.
  • Het Europese emissiehandelssysteem ETS moet worden aangepast (hogere CO2 prijs en lager emissieplafond), zodat het efficiënt kan worden ingezet om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen.
  • Directe en indirecte overheidssteun voor fossiele energie wordt geleidelijk en verantwoord afgebouwd.
  • Energieleveranciers worden verplicht een vast aandeel duur-zame energie te leveren en hierover worden bij voorkeur in Euro-pees verband afspraken gemaakt.
  • Bevorderen bio-energie. Bij voorkeur in Europees verband, mits dit geen verlies van habitat voor zeldzame dieren en plan-ten veroorzaakt, geen voedsel wordt gebruikt als brandstof en dit niet ten koste gaat van vruchtbare agrarische gronden.
  • Grootschalige (bij)stook van biomassa is alleen realistisch met grootschalige aanvoer vanuit het buitenland. Hierbij moet worden afgewogen of de CO2 balans van de aangevoerde biomassa positief uitpakt.
  • Een energieke samenleving: voor burgers en bedrijven wordt het makkelijker en aantrekkelijker om energiebesparingsmaatre-gelen uit te voeren en zelf energie op te wekken. Particulieren krijgen een energiebesparingsaftrek. De salderingsregels worden fors verruimd, zodat het aantrekkelijker wordt om te investeren in duurzame energie, en moeten ook gelden voor samenwerkingsvormen.
  • Aanscherping normen. Zoals verhoging van de grens voor deterugverdientijd voor het treffen van energiebesparingsmaatre-gelen door bedrijven en instellingen van 5 naar 7 jaar.
  • Geen nieuwe kerncentrales, niet alleen vanwege het veiligheids- en afvalissue, maar ook omdat het bij kerncentrales gaat om door de mens gecreëerde risico’s die groter zijn dan de mens kan beteugelen. Ook worden geen nieuwe vergunningen meer verstrekt voor de bouw van kolencentrales.
  • CCS (Carbon Capture and Storage) is een dure techniek dieveel energie kost en is geen oplossing voor de noodzakelijke energietransitie.
  • Geen winning van schaliegas, want dit is een techniek waarbij chemicaliën in de bodem achterblijven die in het drinkwater terecht kunnen komen.
  • Warmte, vooral restwarmte, wordt veel effectiever ingezet. Door verlies van warmte slim te koppelen aan warmtevragers, wordt voorkomen dat warmte weglekt. Kansen liggen er bijvoorbeeld bij de herontwikkeling en modernisering van industrieter-reinen.
  • Ruimtelijke ordening bevordert energietransitie. Het ruimte-lijk beleid moet de transitie naar ‘schone’ energie mogelijk maken. De rijksoverheid en decentrale overheden houden in hun ruimtelijk beleid rekening met windenergie, zonne-energie, biomassacentrales en andere vormen van duurzame energieopwekking. Waar mogelijk worden energievragers en –aanbieders in elkaars omgeving gesitueerd.
  • Scherpe normen. Er wordt een afrekenbare doelstelling voor energiebesparing in de bestaande bouw voor 2020 vastgesteld. Doel is 30 procent energiereductie in 2020 in de bestaande woningen en vanaf 2015 energieneutraal bouwen in de nieuw-bouw.
  • Samen verbouwen is goedkoper: daarom wordt bij koopwo-ningen een aanpak voor energiebesparing voor verenigingen van eigenaren, hele woningblokken of buurten gestimuleerd.
Bron: De Koepel
 
 Hoewel de economische crisis en veiligheid de belangrijkste thema's lijken te worden van de komende parlementsverkiezingen, staat energie en duurzaamheid ook nog steeds hoog op de politieke agenda. Elke partij heeft een flinke paragraaf aan energie en duurzaamheid in haar partijprogramma staan. Helemaal nu de inspanningen van het kabinet onvoldoende blijken om de doelstellingen voor 2020 te gaan halen.

Met de tweede kamer verkiezingen van juni voor de boeg vroeg EnergiePortal zich af wat de visie is van de verschillende Nederlandse politieke partijen op ontwikkelingen in de duurzame energie. EnergiePortal heeft daarom de, in onze ogen, belangrijkste punten van de partijwebsite of het partijprogramma samengevat. Hierin ligt vooral de nadruk op de doelstellingen voor het aandeel duurzame energie die een partij voor ogen heeft, andere visies op hoe de energievoorziening zich duurzaam moet ontwikkelen, hun standpunt t.o.v. de kilometerheffing en mening over kernenergie.

Voor details verwijzen wij door naar de websites van de partijen.
CDA

Logo  CDAEnergie is onmisbaar voor onze samenleving. We moeten de zekerheid hebben dat we altijd over voldoende energie kunnen beschikken. Daarom blijft de Nederlandse Staat daar verantwoordelijk voor.

Duurzame energie
Energie moet betaalbaar, betrouwbaar en schoon worden. De voorraden olie, aardgas en ook kolen zijn eindig en vaak ook duur (olie) of smerig (steenkool). Daarom moet worden overgeschakeld naar duurzame energiebronnen: bronnen die blijvende en schone energie leveren. Volledige omschakeling naar duurzame energiebronnen zal nog enkele tientallen jaren in beslag nemen. En dan nog zullen we er nu mee moeten beginnen. Op de korte en middellange termijn kan dit bereikt worden door:

  • Energiebesparing. Dit is een goede manier om de risico's van het energiegebruik op dit moment te verminderen. Het levert bovendien geld op. Vanaf 2010, of zoveel eerder als mogelijk, zal 2 procent energie per jaar moeten worden bespaard;
  • Het per direct stimuleren van aardgas en biobrandstof voor verkeer en vervoer;
  • Zoeken naar zuiniger verwarmingsmethoden voor nieuwe woningen en bedrijfspanden.

Kernenergie
Kernenergie blijft tijdens de omschakeling naar duurzame energie een mogelijkheid om de CO2 uitstoot van de elektriciteitsproductie te verminderen. Natuurlijk moeten er aan de productie van kernenergie wel hoge eisen gesteld worden: veilig en met de modernste technieken. Het einddoel is de overstap naar duurzame energie, zoals zonne-energie en windenergie. Deze overstap biedt ook enorme kansen voor Nederland. Nederland heeft namelijk goede mogelijkheden om op het gebied van duurzame energie tot de wereldtop te behoren. Kernenergie had jarenlang voor veel mensen een negatieve klank. Maar het besef breekt door dat kernenergie een energievorm is die het milieu niet of nauwelijks belast met CO2-uitstoot. Er is duidelijk sprake van een groeiend draagvlak voor kernenergie, zowel onder de bevolking als in de politiek. Ook het CDA is voor het gebruik van kernenergie.

Kerncentrales zorgen voor radioactief afval, dat wordt opgeslagen. Dit is overigens niet veel: over de afgelopen dertig jaar gaat het om een paar kubieke meters. Het CDA gaat uit van een innovatieve afvalverwerking die zich steeds verder ontwikkeld. Ook gaan wij uit van de mogelijkheid om afval veilig op te slaan.

Milieu en mobiliteit
Het CDA wil naast de aandacht voor klimaatverandering ook aandacht voor: schoon en beheersbaar water, een gezonde bodem, en schone lucht. Files veroorzaken milieuvervuiling en zijn een economische en sociale kostenpost. Het CDA wil daarom investeren in wegen. Het gaat dan vooral om investeringen in een beperkt aantal ontbrekende schakels en in de verbreding van wegen. Verder pleiten wij voor beprijzen van kilometers. Het CDA wil inzetten op schoner rijden, op duurzame mobiliteit.

Bron: http://verkiezingen.cda.nl/programma/standpunten

PvdA


Logo  PvdAIn 2020 wil de PVDA de duurzaamste energievoorziening van Europa hebben. Dit maakt Nederland minder afhankelijk van olie en gas uit windstreken met politieke instabiliteit en dubieuze regimes. De PVDA wil dat bereiken met een verdere vergroening van de belastingen, door subsidies toe te spitsen op duurzaamheid, en door grote investeringen in duurzame energievoorziening. De PVDA stelt strakke milieuwetten op en maakt ruim baan voor 'groen' ondernemerschap.

Subsidies aan energieproducenten voor groene stroom vervangt de PVDA door een verplicht aandeel groene stroom (35% in 2020). Het doel voor 2020 is minimaal 20% duurzame energie, een 20% efficiëntere economie en 30% minder uitstoot van CO2 dan in 1990. Kernenergie ziet de PVDA niet als lange termijn oplossing zolang een oplossing voor het afvalprobleem nog niet in zicht is.

Over de hele linie moet, volgens de PVDA, het openbaar vervoer als één integraal systeem (trein, metro, tram, bus, taxi) een kwaliteitsverbetering ondergaan. In plaats van het bezit wordt het gebruik van de auto belast naar milieubelasting, plaats en tijd. Ook wil de PVDA het fietsgebruik stimuleren, omdat hiermee niet alleen de bereikbaarheid en het milieu wordt verbeterd, maar ook de gezondheid wordt bevorderd.

Bron: http://nu.pvda.nl/standpunten

SP

6732_logo_sp.gifDe Gasunieconstructie - waarbij Shell en Esso 50 procent van de opbrengst van het gas krijgen - wordt door de SP ongedaan gemaakt. Geld dat hierdoor vrijkomt wordt gestopt in een investeringsfonds voor duurzame energie. Daarnaast stimuleert de SP gemeenten die alleen of gezamenlijk een duurzaam gemeentelijk of regionaal energiebedrijf willen oprichten.

De SP wil de volgende zaken bevorderen: energiezuiniger bouwen, transport en productie, het nuttig gebruik van restwarmte van elektriciteitscentrales en industrie en andere energiebesparende technieken, en de uitbreiding van duurzame stroom- en gasproductie. Kolen-, olie- en kerncentrales moeten volgens de SP worden vervangen door zonne-,wind- en andere duurzame energie. Er komt een ruimere subsidie voor zonnepanelen.

In een Klimaatwet neemt de SP maatregelen voor een duurzame energievoorziening. De subsidie voor duurzame energie wordt beperkt tot technieken die nog volop in ontwikkeling zijn, zoals zonnestroom. Voor wind, biomassa en andere technieken die al bijna volwassen zijn, komt er een verplicht aandeel duurzame productie voor de energieleveranciers.

De overheid moet zelf het goede voorbeeld geven op het gebied van energiebesparing, zuinige auto's en het gebruik van duurzame energie en bouwmaterialen. Daarnaast streeft de SP naar een zo sterk mogelijke vergroening van het belastingstelsel, waarbij milieuvriendelijk produceren wordt bevorderd en vervuilende productie zwaarder wordt belast.

Zolang de kilometerheffing niet meer is dan een filebelasting, wil de SP deze niet invoeren. Minder files krijg je, volgens de SP, door beter openbaar vervoer. Daarom wil de SP het openbaar vervoer netwerk flink uitbreiden en eist de SP van vervoersbedrijven op bepaalde lijnen gegarandeerde frequenties. In meerdere plaatsen in Nederland moet geëxperimenteerd worden met gratis openbaar vervoer. Het gebruik van de fiets gaat de SP volop stimuleren. Er komen meer bewaakte gratis fietsenstallingen bij (bus)stations.

Bron: http://www.sp.nl/standpunten/

VVD

Logo  VVDOnze maatschappij is niet denkbaar zonder een goede energievoorziening, maar kunnen we de levering van energie eigenlijk nog wel garanderen? Is het niet nodig dat we snel overschakelen op kernenergie?

Nederland is voor haar energieopwekking momenteel in aanzienlijke mate afhankelijk van aardgas. Bijna de helft van onze energie worden opgewekt met aardgas, terwijl aardgas nou net een grondstof is waarvan de leveringszekerheid de komende jaren achteruit zal gaan. Op dit moment is Nederland al netto-importeur van aardgas en over ongeveer 20 jaar is onze gasbel grotendeels opgebruikt.

Als we minder aardgas willen gebruiken, zullen er natuurlijk wel alternatieven moeten komen. De drie beschikbare alternatieven zijn duurzame energie, steenkool en kernenergie. Duurzame energievormen zoals kernfusie, zonne-energie, biomassa en windenergie zijn de oplossingen voor de langere termijn. Helaas zijn ze dat nu nog niet. Kernfusie is waarschijnlijk de meest veelbelovende duurzame energievorm, maar de ontwikkeling staat pas in de kinderschoenen. Er wordt nu een experimentele fusiereactor gebouwd in Zuid-Frankrijk, maar het zal nog decennia duren voordat kernfusie een rendabele energievorm zal zijn. Zonne-energie is ook veelbelovend, want de hoeveelheid energie die de zon afgeeft is enorm. Het is echter nog niet mogelijk om zonne-energie op grote schaal rendabel te exploiteren. Als we nu heel Nederland met zonnepanelen zouden bedekken, dan zouden we nog niet eens 25 % van Nederland van energie kunnen voorzien. Biomassa kan op dit moment al wel op redelijke schaal worden toegepast, maar daarbij geldt weer het nadeel dat we op grote schaal koolzaad en andere planten zullen moeten verbouwen om de centrales van voldoende aanvoer te voorzien. Waar koolzaad wordt verbouwd, kunnen we  echter geen natuurgebied behouden of voedsel verbouwen. De toepassing van biomassa is dus redelijk beperkt. Ook windenergie is slechts een deeloplossing. Als het niet waait wordt er geen energie opgewekt en daarom zullen we naast windenergie altijd andere energievormen beschikbaar moeten hebben.

We zullen dus voor de korte en middellange termijn andere oplossingen voor ons energieprobleem moeten verzinnen. Als we de beschikbaarheid van energie in de toekomst willen garanderen, dan zullen we moeten overschakelen op steenkool en/of kernenergie. Nieuwe ontwikkelingen als CO2 opslag kunnen er voor zorgen dat steenkoolcentrales in de toekomst milieuvriendelijker worden. Nadeel is echter dat deze techniek nu nog niet grootschalig beschikbaar is en het is de vraag of dat überhaupt zal gebeuren  Daarom is kernenergie momenteel het enige reële alternatief. Alleen kernenergie dringt de uitstoot van CO2 daadwerkelijk terug en garandeert tegelijkertijd de beschikbaarheid van energie. Kernenergie heeft een afvalprobleem, dat valt niet te ontkennen. Het is echter vreemd dat we momenteel de ondergrondse opslag van het schadelijke CO2 aan het onderzoeken zijn en tegelijkertijd kernafval blijven afwijzen vanwege het afvalprobleem. Als we schadelijk afval zoals CO2 in de aardbodem willen opslaan, dan moeten we ook de ondergrondse opslag van kernafval als een serieuze optie beschouwen. Kernenergie is op dit moment de enig reëel beschikbare oplossing, of we het nu leuk vinden of niet.

Helaas is ook de voorraad uranium niet oneindig, we kunnen er ruim 100 jaar mee vooruit. Dat betekent dat kernenergie slechts een oplossing voor de korte en middellange termijn is. Op de lange termijn komen we toch weer uit bij de duurzame energievormen. Het is daarom van het grootste belang dat er de komende jaren fors geïnvesteerd wordt in technologische ontwikkeling van duurzame energievormen. Daarbij dient het primair te gaan om innovatiesubsidies en niet om gebruikssubsidies. We moeten stimuleren dat de technologische ontwikkeling telkens weer een stapje verder gaat. Gebruikssubsidies op bestaande technologieën werken alleen maar vertragend. Je moet als overheid bijvoorbeeld subsidie verstrekken voor de ontwikkeling van geo-thermische energie en niet oneindig doorgaan met het subsidiëren van het bouwen van windmolens. In Nederland hebben we dat de afgelopen jaren wel gedaan en daarom is het belangrijk dat we ook die omslag maken. Alleen op die manier zullen we er in slagen om van duurzame energie ook een echt alternatief te maken. Alleen op die manier zorgen we er voor dat we ook op de lange termijn de leveringszekerheid van energie kunnen garanderen.

Bron: http://www.vvd.nl/standpunt/666/energie

PVV

6732_logo_pvv.pngKiezen voor een beter milieu

Het gaat goed met het milieu in Nederland. De lucht is sinds decennia niet zo schoon geweest, zelfs allerlei dieren komen terug die we lang gemist hebben, zoals de das, de ooievaar, de bever en de zeearend. Toch zijn er bedreigingen voor onze leefomgeving. Zo zitten de zeeën en oceanen vol met ronddrijvend plastic. Illegale lozingen moeten met kracht worden tegengegaan. Wetten moeten strikt worden nageleefd. Straatvuil is voor veel mensen ergernis nummer één. Bij sommige flats vliegen de vuilniszakken je om de oren. Er is dus volop werk aan de winkel op milieugebied, maar we moeten wel realistisch zijn.

De gesubsidieerde milieubeweging moet steeds nieuwe zaken verzinnen om ons bang te maken om zo hun subsidiestroom in stand te houden. Daarbij worden ze steeds geholpen door hun trawanten bij de staatsomroep. Zo hobbelen we van 'zure regen', 'gat in de ozonlaag' naar de Brent Spar-affaire. De laatste hype heet global warming.

Het klimaat verandert, natuurlijk, maar dat doet het altijd. De mens kan de temperatuur op aarde niet een paar graden warmer of kouder zetten. Bovendien daalt de mondiale temperatuur al sinds 1998. Ondertussen grijpen socialisten de klimaattheorieën aan om te doen wat ze altijd willen: hogere belastingen, schuldgevoel en veel regels, terwijl van alle CO2-uitstoot slechts 3 tot 4 procent veroorzaakt wordt door de mens. De rest wordt door de natuur (vulkanen, oceanen en moerassen) zelf geproduceerd. We moeten stoppen met paniek over de opwarming van de aarde en stoppen met het geven van geld aan een onbewezen klimaathype. Van Europese
klimaatverplichtingen moeten we uiteindelijk af. We zijn tegen ondergrondse CO2-opslag.

De gesubsidieerde milieubeweging draagt er aan bij dat wij in Nederland straks geen gloeilampen meer kunnen kopen. Hele beroepsgroepen worden door de milieulobby in de problemen gebracht. Onze mosselvissers, bij uitstek het symbool van Hollands ondernemerschap en traditie, zijn finaal aan banden gelegd. Vissers wordt het werken onmogelijk gemaakt door allerlei vreemde EU-maatregelen.

De PVV kiest voor kernenergie. De derde en vierde generatie kerncentrales zorgen bij uitstek voor veilige en constante energie. Kerncentrales kennen hoge opstartkosten maar zijn snel rendabel te krijgen. Er moeten de komende decennia meer kercentrales worden gebouwd. Op die manier worden we een stuk minder afhankelijk van buitenlandse energie en fossiele brandstoffen.

Het geld dat nu naar onrendabele windmolens gaat kan daar prima voor gebruikt worden. Nu wordt op veel plaatsen in Nederland het mooie traditionele Hollandse landschap verstoord met windmolens die niet op wind draaien, maar op subsidie. U betaalt, zij draaien. Er is nog een belangrijk argument voor kernenergie: het maakt ons onafhankelijk van bijvoorbeeld Rusland en de islamitische landen.

Bron: http://www.pvv.nl/index.php/visie/verkiezingsprogramma

GroenLinks

Logo GroenLinksIn 2020 is de Nederlandse uitstoot van broeikasgassen minstens 30 procent lager dan in 1990. Binnen de EU pleit Groenlinks voor een reductiedoel van min 40 procent in 2020 en tenminste min 90 procent in 2050. Groenlinks kiest voor aardgas, zolang de overgang naar een duurzame energievoorziening nog niet is voltooid. De kerncentrale in Borssele moet volgens Groenlinks worden gesloten. Er komen geen nieuwe kerncentrales voor energieopwekking.

Groenlinks ondersteunt op alle mogelijke manieren maatschappelijk verantwoord ondernemen. De regering moet duurzaam inkopen en groen aanbesteden. Zij verleent snel vergunningen aan groene initiatieven van burgers en bedrijven. Groenlinks streeft naar 3 procent energiebesparing per jaar. Via kredietgaranties wordt het besparingspotentieel in de industrie benut.

Er komt een Deltawet nieuwe energie. Die zorgt voor voldoende bestuurskracht en middelen om het doel van 20 procent hernieuwbare energie in 2020 te halen. Zowel voor groene stroom als voor duurzame energie ten behoeve van verwarming komt er een specifiek doel van 35 procent in 2020. Zelf opwekken van energie door burgers, bedrijven, lokale en regionale overheden wordt door Groenlinks bevorderd. Groenlinks wil het Duitse feed-in systeem invoeren, zodat burgers en bedrijven die groene stroom produceren daarvoor altijd een garantieprijs ontvangen.

Energiebedrijven worden verplicht een jaar op jaar toenemend aandeel duurzame energie te produceren. Er komt een spoedwet voor wind op zee, gericht op 10.000 megawatt Noordzeestroom in 2020. Geplande investeringen voor de komende 10 jaar worden naar voren gehaald. Er komt snel een 'stopcontact op zee', dat windstroom van de Noordzee afvoert en verdeelt.

Fietsen wordt krachtig gestimuleerd. Er komen meer stationsstallingen en ov-fietsen. De subsidie die gemeenten van de rijksoverheid ontvangen voor fietsinfrastructuur wordt verhoogd. Het vervoer per trein krijgt een forse impuls: extra treincapaciteit, inhaalsporen, betere stations en beter onderhoud van spoor en treinen. Autorijden op fossiele brandstof wordt zo snel mogelijk vervangen door rijden op groene stroom of andere duurzame energiebronnen. Kopers van elektrische auto's kunnen een laagdrempelige lening krijgen, die wordt afgelost met hun besparing op brandstof.

Bron: http://standpunten.groenlinks.nl/

ChristenUnie

Logo ChristenUnie

Klimaatverandering

Tegen aantasting van een goed en gezond milieu moeten we maatregelen nemen. Onder andere de opwarming van de aarde en de daarmee gepaard gaande weersveranderingen vragen de komende jaren om concrete milieumaatregelen in zowel nationaal als internationaal verband. Er is namelijk een omvangrijke reductie van de uitstoot van broeikasgassen nodig om het tempo van de klimaatverandering te temperen. Maar aangezien binnen afzienbare termijn geen vertraging van de klimaatverandering is te verwachten, zullen we ook maatregelen moeten nemen om de gevolgen van klimaatverandering, zoals zeespiegelstijging, op te kunnen vangen.

Overheid, burgers en bedrijven spannen zich gezamenlijk in om de nationale uitstoot van koolstofdioxide (CO2) terug te dringen. De Kyoto-afspraken gelden daarbij als minimum. Doelstelling is om de uitstoot van broeikasgassen conform de Kyoto-afspraken in 2010 met 6% terug te dringen ten opzichte van 1990. Minstens de helft van de reductiemaatregelen worden in eigen land genomen, onder meer door invoering van de kilometerheffing.

Ook na 2010 zet de overheid het CO2-reductiebeleid ambitieus voort. Nederland zet zich in om huidige opkomende industrielanden, zoals China en India, te ondersteunen in de beperking van hun CO2-uitstoot. Verbetering van de luchtkwaliteit in het belang van de volksgezondheid is een belangrijke opgave voor de komende jaren. Nederland zet zich in Europees verband in voor ambitieuze én realistische wetgeving. Nederland zet zich in voor een tweede internationaal klimaatverdrag. Dit moet gericht zijn op 40-60% CO2-reductie in 2030. Ook de ontwikkelingslanden krijgen een CO2-doelstelling. De verdeling van emissierechten mag ontwikkelingslanden niet onevenredig belemmeren in de mogelijkheden van inkomensgroei.
Niet alleen de overheid, maar ook bedrijven en burgers behoren hun verantwoordelijkheid te nemen om de milieudruk te doen afnemen en milieuschade te herstellen. Uitgangspunten voor een goed milieubeleid zijn het principe dat de vervuiler betaalt en het voorzorgbeginsel: bij sterke vermoedens van een schadelijk effect op het milieu is het ontbreken van wetenschappelijke zekerheid geen reden om beschermende maatregelen uit te stellen.

Milieusubsidies, bijvoorbeeld ter stimulering van duurzame energie, berusten op een meerjarig en stabiel beleid en worden niet plotseling stopgezet.

Bron: http://www.christenunie.nl/nl/standpunten

D66 

Logo  D66

D66 wil dat energie schoon, betrouwbaar, betaalbaar en voor iedereen toegankelijk is. Om dat te bereiken moeten we nu durven te kiezen voor een radicale omslag voor overgang naar een duurzame energiehuishouding. Nederland dient zich hier ook in Europa voor in te zetten. Onze samenleving moet in 2050 geheel zonder fossiele brandstoffen kunnen ('Verklaring van Utrecht').

Deze omslag levert Nederland vele voordelen op: langere termijn zekerheid van betaalbare energie, prijsstabiliteit, terugdringen van onze afhankelijkheid van het energie-infuus vanuit instabiele regio's als het Midden-Oosten en een drastische vermindering van onze broeikasgasuitstoot en andere vervuiling. Deze omslag levert ook nieuwe werkgelegenheid op door innovatie in de energiesector. Met nieuwe kansen voor bedrijven om opgedane kennis en ervaring te exporteren. Daarmee bereiken we duurzame welvaart, die niet ten koste gaat van toekomstige generaties.

D66 is in de regel voor een bescheiden overheid, maar hier zal de overheid de regie in handen moeten nemen. De 'markt' kan en zal deze problematiek namelijk niet alleen oplossen. De overheid zorgt voor een stimulerend en richtinggevend investeringsklimaat, zodat investeringen in hernieuwbare energie voor lange tijd kunnen worden gerealiseerd. De overheid stelt scherpe eisen en strenge normen, in combinatie met redelijke termijnen, waaraan de markt moet voldoen. De overheid zorgt voor een gelijk speelveld, waardoor valse concurrentie geen belemmerende rol kan spelen. De overheid zorgt voor vergroening van ons belastingsysteem.

D66 ziet dat de gewenste energietransitie tot op heden te langzaam op gang komt. Er is bij consumenten nog te weinig bewustzijn over het belang van energiebesparing en te weinig kennis over hoe dat te bereiken. Slim omgaan met energie krijgt te weinig prioriteit, ook doordat er vanuit de overheid onvoldoende over de lange termijn wordt nagedacht. Daardoor is het huidige systeem te ambtelijk, subsidies te zeer versnipperd, en beleid inconsistent. Het gevolg is investeringsonzekerheid, doordat de overheid geen betrouwbare partner is voor burgers en bedrijven.

D66 ziet dat onze huidige welvaart en economische ontwikkeling vooral gebaseerd zijn op de goedkope beschikbaarheid van olie, kolen en gas. Wij naderen het punt waarop deze belangrijke fossiele energiebronnen uitgeput raken. Bovendien brengen we met het gebruik van deze brandstoffen onomkeerbare en onherstelbare schade toe aan ons leefmilieu, aan het klimaat en aan de biodiversiteit op onze aarde. Toenemende schaarste van essentiële fossiele energiebonnen zal ook leiden tot grotere politieke instabiliteit.

D66 ziet dat Nederland bij de ontwikkeling van een duurzame energiehuishouding al jaren achterblijft bij een groot aantal andere Europese landen, zoals Duitsland, Denemarken, Spanje en Portugal. Nederland zal alles uit de kast moeten halen om in 2020 het - in Europa afgesproken - verplichte aandeel van minimaal 14% hernieuwbare energie te verwezenlijken. De breed gedragen Nederlandse ambitie van 20% vereist dat echt alle zeilen bij worden gezet.

D66 ziet dat de wereld er niet in slaagt gezamenlijk bindende afspraken te maken. In een houdgreep van besluiteloosheid strompelden we naar de klimaattop in Kopenhagen om daar, na weken onderhandelen, zonder tastbaar resultaat weer uit elkaar te gaan. Dat falen heeft de noodzaak van harde, internationale overeenkomsten met betrekking tot duurzame energieproductie verder vergroot.

Het realiseren van een duurzame energiehuishouding is van groot belang. Daarvoor is nodig: direct en aanzienlijk beperken van onnodig energiegebruik, versneld gebruik gaan maken van hernieuwbare energiebronnen en - waar fossiele energie nog onvermijdelijk is - deze zo efficiënt en duurzaam mogelijk opwekken. Volgens D66 gaat dit gepaard met een omslag van centrale naar duurzame lokale opwekking.

Behalve overheid en bedrijfsleven heeft ook het individu een rol in de transitie naar een duurzame samenleving. Sterker nog, juist consumenten hebben directe invloed op het bewerkstelligen van werkelijke veranderingen. Ieder individu draagt een eigen verantwoordelijkheid voor de omgeving waarin hij of zij leeft. Het is daarom belangrijk dat fors wordt geïnvesteerd in de verdere bewustwording van consumenten, in kennis over energiebesparing, en in gedragverandering.

Dit alles kan niet gerealiseerd worden zonder bindende klimaatdoelstellingen over grenzen heen. Nu is de kans om, vanuit de kleine gebaren, de grote slagen te maken. Als het aan D66 ligt wacht Europa niet langer op de Verenigde Staten en China, maar nemen we de vlucht naar voren: Europa-breed kiezen voor schone energie. Wind, water en zon in plaats van olie, kolen en gas.

D66 is voor het principe 'de vervuiler betaalt'. Dat geldt op alle niveaus: voor het individu, voor bedrijven en voor overheden. Het creëren van een gelijk speelveld voor 'vuile' en 'schone' technologieën betekent onder meer dat de maatschappelijke (ecologische) kosten van energieproductie en –gebruik moeten worden toegerekend aan de bron. D66 is voor een actieve rol voor de overheid om de transitie in goede banen te leiden en de economie structureel te verduurzamen. We moeten weg van de vrijblijvende convenanten en intentieverklaringen, en met meer durf en ambitie dwingender afspraken maken. D66 staat voor de belangen van volgende generaties. De aarde is niet van ons. Energiebesparing, duurzame energieproductie en vergroening van onze economie zijn niet alleen noodzakelijk om de aarde in de nabije toekomst leefbaar te houden. Ook de kinderen van de toekomst hebben recht op een schone wereld. 

Bron: http://www.d66.nl/d66nl/item/verkiezingsprogramma_tweede_kamer

Partij voor de Dieren

6732_pvdd_logo.jpgDe Nederlandse energievoorziening moet, van de Partij voor de Dieren, per 2050 klimaatneutraal zijn. Deze doelstelling en de globale route er naar toe moeten niet elke paar jaar ter discussie staan. Er komt een klimaatwet om een drastische reductie van de uitstoot van broeikasgassen te realiseren. De uitstoot van broeikasgassen uit de landbouw moet een integraal onderdeel van het klimaatbeleid van Nederland gaan vormen.

Energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van minder dan 5 jaar moeten volgens de wet Milieubeheer worden uitgevoerd. Volgens de Partij voor de Dieren komt hier in de praktijk weinig van terecht. De landelijke overheid zou  de gemeenten moeten verplichten tot handhaving en ze hierbij helpen. Het netto energieverbruik van nieuwbouwwoningen wordt in 10 jaar tot nul terug gebracht. Vanaf 2020 worden uitsluitend energieneutrale en energiepositieve woningen gebouwd.

Het subsidiebeleid op duurzame energie wordt door de Partij voor de Dieren herzien, er komt een stabiel en betrouwbaar systeem gericht op het vergoten van de productie van decentrale duurzame energie, met een feed-in tarief voor duurzame energie, zoals in Duitsland ook toegepast wordt. Energieleveranciers die op de Nederlandse markt willen opereren zullen volgens de Partij voor de Dieren elk jaar een oplopend percentage aan duurzame energieopwekking moeten realiseren. Zonnepanelen langs snelwegen, op vliegvelden en op viaducten en kleinschalige windenergie langs sporen worden de norm. De bouw van nieuwe kolencentrales in Nederland wordt verboden. Er komen geen nieuwe kerncentrales.

Verkeerswegen voor het gemotoriseerde verkeer worden niet meer aangelegd en verbreed zonder natuur- en milieucompensatie in de eigen regio. Knelpunten in het wegennet dienen in principe opgelost te worden via compenserende maatregelen in de OV-infrastructuur. Het openbaar vervoer moet hoge prioriteit krijgen. De tarieven dienen aanzienlijk verlaagd te worden en de frequentie en beschikbaarheid moeten worden verhoogd. De transportsector krijgt een verplichte reductiedoelstelling van 30% voor de broeikasgasuitstoot in 2020 ten opzichte van 2008. Kilometerheffing en kentekenregistratie op snelwegen mag niet worden ingevoerd zonder stringente privacywaarborgen.

Bron: http://www.partijvoordedieren.nl/downloads/20100413conceptverkiezingsprogramma2010.pdf

 
"Duurzame energie moet nog een stuk duurzamer worden" is het thema dat afgelopen week boven kwam drijven tijdens de Financial Times Energy Conferentie in Londen. Hoewel wetenschappers het eens zijn dat de mensheid de uitstoot van broeikasgassen bij het genereren en transporteren van elektriciteit, zodat het klimaat niet warmer en minder voorspelbaar wordt, gebruiken veel van de "duurzame" technologien vaak grondstoffen die niet duurzaam zijn.

Supratik Guha (IBM) vertelde tijdens de conferentie dat verkopen van silicium zonnecellen hard groeit. Hierdoor was 2008 het eerste jaar dat de silicium wafers voor zonnecellen beter verkochten dan degene voor microcips. Maar hoewel silicium het meest voorkomende element in de aardkost is (op zuurstof na), kunnen alleen relatief inefficiente cells worden gemaakt die niet echt kunnen concurreren met elektriciteit die wordt opgewekt met fossiele brandstoffen. De beste en meest geavanceerde zonneceltechnologien vertrouwen op grondstoffen die veel zeldzamer zijn.

5007_indium.jpgZeldzame metalenDe efficientie van zonnecellen is gemeten aan de hand van het percentage van lichtenergie die wordt omgezet in elektriciteit. Silicium zonnecellen haalden eind december 2008 eindelijk de magische grens van 25%, maar de zogenoemde multi-junction zonnecellen kunnen efficienties halen van meer dan 40%. Hoewel deze cellen keer op keer worden genoemd als de toekomst van zonne-energie, halen ze hun kracht uit het zeldzame metaal indium. Er zijn minder dan tien mineralen op aarde die indium bevatten. Geen van deze komt voor in grote hoeveelheden en in totaal is maar 0,25 op de miljoen deeltjes in de aardkorst een indiumdeeltje.

Het grootste gedeelte van dit zeldzame deeltje indium wordt gebruikt om LCD schermen te fabriceren. Hierdoor is de prijs voor indium de laatste jaren gestegen tot boven de $1000 per kilogram. De berekeningen voor de groei van zonne-energie zijn niet meegenomen in de berekeningen voor de beschikbaarheid van indium. Als de groei aanhoudt hebben we volgens pessimistische schattingen nog maar 10 jaar indium beschikbaar. En als de zon een belangrijk bron van elektriciteit moet worden is een alternatief voor indium essentieel.

PlatinumDe droom van de waterstofeconomie heeft volgens Paul Adcock (Intelligent Energy) vergelijkbare uitdagingen. Een goedkope manier om waterstof te maken is voorlopig echter nog niet beschikbaar. Nieuwe methoden, zoals het gebruik van bacterieele enzymen om water te "splitsen" hebben nog een lange weg te gaan voor ze commerciaal haalbaar zijn.

Tot nu toe zijn brandstofcellen nog steeds de meest effectieve manier om gas in elektrictiteit om te zetten. Deze manier vertrouwt echter op het dure platinum om de reactie te catalyseren. Het probleem is dat platinum nog veel zeldzamer is dan indium. Slechts 0.003 deeltjes per miljard in de aardkorst is platinum en de prijs is niet in kilogrammen, maar per gram. Er bestaan schattingen dat als de 500 miljoen auto's die op dit moment over de aarde rijden uitgerust waren met brandstofcellen, de wereld over 15 jaar door de voorraad platinum heen zou zijn.

Helaas zijn platinumloze brandstofcellen nog steeds niet goed genoeg. Een brandstofcel gebasserd op nikkel, ontwikkeld aan de universiteit van Wuhan in China, is nog 10 keer zo inefficient als platinum katalysatoren. Een nieuwe aanpak die vorige week werd gepresenteerd laat zien dat koolstof nanotubes zowel effectiever als goedkoper kunnen zijn dan platinum. Helaas zal het nog lang duren voordat platinumvrije brandstofcellen commercieel haalbaar zullen zijn.

Brandstof of eten?5007_algen_biobrandstof.jpgBiobrandstoffen, zoals ethanol uit mais, zijn de meest beruchte voorbeelden van het verkeerd gebruiken van de term duurzame energie. De hoeveelheid verbouwbare grond op de wereld is beperkt en duurzame energie moet concurreren met voedsel, aldus Ausilio Bauen van het Imperial College uit Londen. Er zijn mogelijke oplossingen, maar geen van hen zijn klaar om op de markt te worden gebracht. Biobrandstoffen gemaakt van bijvoorbeeld cellulose kunnen gemaakt worden van oneetbare planten(resten) of hout in plaats van eetbare platen. Algen, die worden gekweekt in tanks blijven de aandacht trekken en het winnen van biobrandstoffen uit zeealgen of zeewie zou geen beslag leggen op de hoeveelheld landbouwgrond.

Duurzame energietechnologien blijven de grote hoop voor de toekomst en zijn op de korte termijn gegarandeerd van onderzoeksgeld. Er is echter een tweede golf van ideeen voor duurzame energie nodig die echt gebaseerd is op duurzame grondstoffen, anders raakt ook de duurzame energie op. 

Bron: New Scientist
 
Ondernemers die kansen zien in het duurzaam opwekken van energie worden daarin gesteund door de overheid. In 2013 is €3 miljard beschikbaar voor groene projecten, die er mede voor moeten zorgen dat er in 2020 16% van alle energie duurzaam wordt opgewekt. Dat schrijft minister Kamp van Economische Zaken (EZ) maandag 10 december 2012 aan de Tweede Kamer.
Lees meer...  
Op zaterdag 10 juni vond de jaarlijkse alumnireünie van de Universiteit van Amsterdam plaats, de Universiteitsdag. Deze dag bestaat onder andere uit lezingen en debatten over actuele onderwerpen uit de wetenschap en maatschappij. Namens EnergiePortal.nl nam Arthur van Benthem deel aan het debat "Verslaafd aan olie en gas", samen met prof.dr. Coby van der Linden (directeur International Energy Programme, Instituut Clingendael), Jan-Willem Velthuijsen (bijzonder hoogleraar Empirische milieu- en energie-economie, partner PriceWaterhouseCoopers) en Ronald Blom (voorzitter Raad van Bestuur ENECO Holding N.V.). Het debat stond onder leiding van Marcel Hulspas (wetenschapsjournalist, hoofdredacteur van het universiteitsblad Folia Civitatis). 

De interesse voor het debat was aanzienlijk. Doordat de volle zaal continu met nieuwe vragen kwam voor de sprekers, werd het meer een debat tussen de toehoorders en de debatteerders dan tussen de laatsten onderling. De vele vragen gaven eens te meer aan hoezeer het algemene publiek interesse heeft voor de problemen in de energiewereld, maar ook hoeveel misverstanden er nog heersen op dit gebied. 

Enkele van de thema's die tijdens het debat zijn besproken - met een nadruk op duurzame energie - met de initialen van de spreker die het onderwerp/opinie in kwestie het meest naar voren bracht: 

Wanneer is de olie op?Er was brede consensus in het panel dat fossiele brandstoffen tot ver in de 21e eeuw beschikbaar kunnen zijn, en dat de verhalen rond peak oil enigszins overdreven zijn. Mensen hebben vaak een verkeerd beeld van de werkelijk beschikbare voorraden fossiele brandstoffen (CvdL). De hoeveelheid beschikbare olie hangt lang niet alleen van de fysieke voorraden af, maar net zoveel van technologie en prijs. Deze prijs zal verder stijgen bij toenemende vraag uit met name Azië. Hierdoor wordt niet alleen alternatieve energie aantrekkelijker, maar juist ook onconventionele en dus CO2-intensieve olievelden (JWV).  

Wat zijn de beste alternatieven voor olie?Hoewel er momenteel opvallend veel activiteit is in de duurzame energiesector, blijft duurzame energie een zeer klein gedeelte (1-2%) van de totale energiemix op aarde uitmaken. Zelfs in 2050 denken veel scenarioplanners dat dit aandeel hooguit 25% zal zijn. Op korte termijn is een paar procent extra energiebesparing veel aanzienlijker dan alle kleine zonne-energieprojecten bij elkaar. Verder is CO2-opslag een veelbelovende technologie die veel investeringen nodig heeft. Op de middellange termijn lijken grote windturbines (>5 megawatt) veelbelovend, en op de lange termijn nieuwe generaties zonnecellen (AvB). 

Wat moet de overheid doen?Als we in Nederland wind- en zonne-energie willen blijven uitbreiden, moet de overheid flinke subsidies blijven geven. De enige reden dat commerciële bedrijven momenteel windmolenparken op zee bouwen is het extra geld dat de Nederlandse staat erbij legt (RB). Subsidies op duurzame energie zijn echter alleen maar efficiënt als er ook een marktprijs voor CO2 is (JWV). In dat licht zal de lange termijn ontwikkeling van CO2 emissies zeer gevoelig zijn van het karakter van de post-2012 fase van Kyoto (AvB). 

Is de splitsing van de Nederlandse energiebedrijven terecht?Onder druk van de Europese Unie, worden energiebedrijven gedwongen om hun transportnetwerk los te koppelen (dus: verkopen) van hun distributietak. Dit creëert nog meer kleine spelers in de Nederlandse markt, terwijl andere Europese landen juist bezig zijn met fusies van grote energiebedrijven (Duitsland, Frankrijk, Spanje). De energiemarkt is meer Europees dan Nederlands van karakter, en vanuit dit perspectief is ons huidige beleid belachelijk (CvdL). Nederlandse Nutsbedrijven kunnen op deze manier nooit zelfstandig blijven concurreren met Europese giganten als E.On Ruhrgas, RWE en Gaz de France (RB). 

Wat zijn de beperkingen van duurzame energie?Zowel wind- als zonne-energie wekken directe elektriciteit op, die moeilijk op te slaan is. Batterijen of waterstof is mogelijk, maar helaas nog toekomstmuziek vanwege de extreem hoge kosten (JWV). Een ander groot probleem is de onvoorspelbaarheid van windenergie, en de lage benuttingsgraad (tussen de 25% - 35%). Ook de grote hoeveelheid bouwmaterialen (staal voor windmolen, silicium voor zonnecellen) kan in de toekomst problematisch worden en is ook niet geheel CO2-neutraal (RB). Een andere belangrijke beperking/misvatting is de wenselijkheid van biobrandstoffen. Naast het feit dat het groeien van biomassa enorm CO2- en waterintensief is waardoor vaak 70% - 90% van de vermeende CO2-besparing teniet wordt gedaan, wordt momenteel op grote schaal tropisch oerbos gekapt voor de aanleg van palmolie plantages. Als mensen weten wat ze werkelijk tanken, zullen ze zich helemaal niet zo prettig voelen. Bovendien is de hoeveelheid land die nodig is om de huidige benzinevraag op te vangen buiten alle proporties. Dat neemt niet weg dat bepaalde toch al bestaande afvalstromen gebruikt kunnen worden voor bio-energie (AvB). 

Verder stelde de zaal onder andere vragen over de wenselijkheid van een grote zonne-energiecentrale in de Sahara, de schadelijke effecten van het aanplant van monotone, weinig biodiverse bossen als compensatie voor CO2-uitstoot, de redenen waarom grote oliebedrijven in duurzame energie zouden willen investeren (en: hebben ze belang om ontwikkelingen tegen te gaan?) en waarom we niet op grote schaal overstappen op waterstof als dit technisch mogelijk is. 

Terugblikkend op het debat heeft het een aantal belangrijke kwesties uit de energiewereld op een toegankelijke manier bij een breder publiek op de agenda gezet. We kijken uit naar een eventueel vervolg. 
 
<< Start < Vorige 1 3 4 5 6 7 > Einde >>