
Aan elke beslissing in de windenergie-industrie ligt technologie versus kosten ten grondslag. In de afgelopen jaren konden de bedrijven met de best presterende turbines een hoge prijs vragen voor hun producten. Echter, in de huidige markt, zijn de marges geslonken en moeten alle organisaties vechten voor een stukje van de taart.
Om meer energie op te wekken hebben fabrikanten de bladen van de turbines alsmaar groter gemaakt. Dit heeft tot gevolg dat de turbines ook groter worden om deze bladen te kunnen ondersteunen. Dit heeft tot gevolg dat de kosten per opgewekte capaciteit omlaag zijn gegaan, maar tot gevolg dat meer mensen de turbines als hinderlijk kunnen ervaren (landschapsvervuiling).
Ook de vorm van de bladen is de afgelopen jaren veranderd, geevolueerd. Sommige fabrikanten hebben de keuze gemaakt om richting performance gaan: prestatieverhogend zonder druk op de turbine te leggen. Hierdoor is minder kans op defecten en daarom minder onderhoudskosten. Een deel heeft dit gedaan met nieuwe materialen zoals koolstofvezel, anderen met traditionele materialen. Daarnaast heeft nog een andere groep zich voornamelijk bezig gehouden met het minimalizeren van het geluid dat een turbine maakt.
Technologie zal een kritieke rol hebben in het succes van windenergie en de spelers in de hele waardeketen. De ontwikkeling van geavanceerde technologie zal de toekomst van de wereldwijde windindustrie moeten vormen als de fabrikanten willen voorkomen dat windturbines een massa- en eenheidsproduct worden. Als gevolg hiervan zullen de leiders in de markt zich moeten onderscheiden van de concurrentie door zich aan de wensen van de klanten (en de eindconsumenten) aan te passen, en een goede balans zien te vinden tussen prijs en prestaties.
Rotors
De rotors van een windturbine zijn de primaire methdoe om energie te genereren en is het kritieke focuspunt voor windturbinetechnologie. In 2010 was de evolutie van de lengte van de rotors, die efficientere turbines moeten vormen bij lagere windsnelheden, een dominante trend binnen de sector. In 2012 zien we dit nog steeds terug. Hoewel de eerste golf van turbines voor lage windsnelheden op de markt komt, zijn de eerste alternatieven ook al beschikbaar.
De industrie als een geheel blijft zich op land concentreren op het segement tussen 1.6 MW en de 3.5 MW. Offshore zijn de turbines veel groter: langzaam maar zeker raken de 5 MW turbines uit de gratie en worden meer 6 MW en 7 MW turbines geplaatst, veelal op grotere dieptes en verder van de kust. Het is interessant om te zien dat dit een gat creeert tussen de 3.5 MW en de 6 MW.
Het verschil tussen de kleine(re) en grote multi-MW systemen is ook verschillend, en niet alleen vanwege het verschil tussen onshore en offshore. Bij de hele grote turbines moeten de bladen ter plaatste worden geassembleerd; soms moet een rotor zelfs in delen worden vervoerd. Dit heeft z'n impact op de keten en de productie. Ondanks de beperkingen die dit oplevert voor de grootste turbines, lijkt het alsof de huidige turbines nog een stapje groter kunnen.
Bron:
RenewableEnergyWorld &
Vestas