Elke Nederlandse politicus die de indruk geeft dat we met algemene subsidies of allerlei steunmaatregelen voor groene stroom effectief een bijdrage kunnen leveren aan de oplossing van het klimaatprobleem heeft het mis. Anders dan veel politici suggeren, maakt het weinig uit of we een wettelijk verplichting voor duurzame energie instellen, de Duitse teruglevergarantie kopiëren (waarbij een investering in groene energie gegarandeerd wordt terugverdiend middels een groene toeslag op de energierekening), of duurzame energievoorziening direct subsidiëren (zoals nu het geval is). De stroomprijs gaat omhoog óf we gebruiken belastingcenten voor subsidie. In beide gevallen betaalt uiteindelijk de consument.
En wat is het effect op het klimaat? Helemaal niks. De uitstoot van Nederland is ongeveer een half procent van het wereldwijde totaal. Bovendien hebben we als Europese Unie gecomitteerd aan één plafond, wat betekent dat elk beetje minder dat wij uitstoten, andere landen extra mogen uitstoten. Ook striktere maar simplistische Europese regels zijn de oplossing niet: juist de meest vervuilende bedrijven zullen besluiten te verhuizen, weg uit Europa, naar landen waar geen enkele vorm van milieuwetgeving bestaat, waardoor de CO2-uitstoot zelfs hóger wordt dan voorheen.
Als we als Nederland miljarden spenderen aan dit soort ineffectieve maatregelen schieten we onszelf in de voet, en niet alleen op uitgavenvlak in een tijd van broodnodige forse bezuinigingen. Het politieke klimaat mag nu gunstig zijn, dat kan snel omslaan als over 5 of 10 jaar blijkt dat Nederlanders veel meer betalen voor hun stroom, terwijl het klimaatprobleem er niet minder op is geworden. Wie is dan kortzichtig? Het subsidiëren van een nieuw windmolenpark of het invoeren van een CO2-tax klinkt goed en groen voor een politicus die binnen zijn ambtstermijn punten wil scoren. Maar lasten zonder lusten creëren weerzin en onwil. Met dit soort symboolpolitiek voor de korte termijn helpen we niemand.
Industriepolitiek kan wél een goed beleidsinstrument zijn om op korte termijn duurzame energie te stimuleren. Maar het is niet zo simpel om structureel groene banen, groene groei en klimaatwinst te scheppen als bijvoorbeeld GroenLinks, PvdA, en D66 willen doen geloven. Deze partijen zien de teruglevergarantie naar Duits voorbeeld als het ei van Columbus. Maar volgens ons wordt het succes in Duitsland sterk overdreven. Wat wordt er gegarandeerd? Een gemiddeld Duits huishouden betaalt gegarandeerd tot 2025 honderden euro’s per jaar voor de windmolens en zonnepanelen die vóór 2010 werden geïnstalleerd. De Duitse politiek wijst naar het succes van bijvoorbeeld zonnecelfabrikant Q-cells om aan te tonen dat het beleid zijn vruchten afwerpt. Inderdaad was Q-cells in 2008 de grootste fabrikant ter wereld. Maar in 2009 boekte het bedrijf meer dan een miljard euro verlies en werden ruim vijfhonderd werknemers ontslagen – het bleek niet op te kunnen tegen de scherpe concurrentie uit China en de Verenigde Staten. Deze flirt met zonne-energie zou voor het bewolkte Duitsland wel eens een dure grap kunnen blijken.
Diederik Samson van de PvdA en ANWB-directeur Guido van Woerkom waren in Pauw en Witteman op 31 maart twee handen op één buik: Nederland had nét zo succesvol kunnen zijn als Denemarken is op het gebied van wind, als we op tijd waren begonnen. Maar de heren vermeldden niet dat juist Denemarken zo succesvol kon zijn vanwege de unieke integratie met het Noorse electricitieitsnetwerk. Windenergie moet gekoppeld worden aan een andere bron die snel kan inspringen als het windstil is. In Denemarken vervullen de vele Noorse waterkrachtcentrales die rol, waardoor de integratiekosten van windenergie in Denemarken lager zijn dan waar dan ook.
Nederland moet op zoek naar sectoren waar we een uniek voordeel hebben, en die we ook op termijn in Nederland kunnen hóuden, en die bestaan wel degelijk. De ligging van ons land, en onze ervaring met baggeren, geeft Nederland een unieke kans een grote rol te spelen in windenergie op zee. In het verlengde daarvan kan Nederland een voortrekkersrol spelen bij het bouwen van een groot energienetwerk op de Noordzee en in continentaal Europa – een soort stroomrotonde, naar het voorbeeld van de gasrotonde van de Gasunie. Nederland heeft ook een unieke kans om succesvol te worden in de opslag van CO2, door de vele lege of bijna lege gasvelden en onze sterke chemiesector.
Door te investeren in juist die sectoren waarin voor Nederland ook in de toekomst een prominent rol is weggelegd helpen we uiteindelijk ook het klimaat. Innovatie in Nederland maakt duurzame stroom goedkoper voor iedereen. Daarmee kan de transitie naar houdbare energie sneller én betaalbaar. De energietransitie is een marathon die meerdere generaties gaat beslaan. Als we nu een krachtenverspillende sprint inzetten, doen we volgende generaties tekort.
Dit opiniestuk verscheen eerder in NRC Handelsblad en NRC Next
Bron: Onder de Stolp, Foto: Freefoto.comVoor meer opiniestukken over energie en politiek, bezoek de website Onder de Stolp.
| < Vorige | Volgende > |
|---|